Boeken Bellen
Beschikbaarheid laden
Check beschikbaarheid

Twentse Sagen & Verhalen

Godin Tanfana

Tussen Oldenzaal en De Lutte ligt de Tankenberg, met 85 boven NAP het hoogste punt van Overijssel. Het gebied rondom deze stuwwal was voor de vroegere bewoners in de omliggende dorpen een heilige plek. Boven op de Tankenberg vindt u vandaag de dag de koepel van Tanfana. Tanfana was een Germaanse Godin en volgens sommige verhalen was ze ook de leidster van de Witte Wieven. De geruchten gaan dat er bij de Tankenberg vroeger een Romeinse Tempel ter ere van Tanfana heeft gestaan, al is daar geen direct bewijs voor. Ook stond er een opmerkelijke grote zwerfkei die dienst zou hebben gedaan als offersteen. De Rooms- Katholieke Kerk had in die tijd echter geen behoefte aan dergelijke heidense rituelen, er werd in 1642 op bevel van de Burgemeester van Oldenzaal de steen verplaatst van de Tankenberg naar het centrum van Oldenzaal, pal naast de Plechelmus Basiliek. De steen ligt nu nog steeds op het marktplein van Oldenzaal. De steen zou nog altijd over magische krachtvelden beschikken en degenen die hier gevoelig voor zijn, zouden de energie van de steen kunnen waarnemen als ze deze zouden aanraken.

Een belangrijk ritueel dat Tanfana samen met haar volgers uitoefende, was het drinken van heilig water uit een gouden beker. Dit water zou van een nabijgelegen bron komen. Waar velen het verhaal als een mythe afdeden, stond men vreemd te kijken toen er in het grensplaatsje Uelsen een opmerkelijke archeologische vondst werd gedaan. In 1840 vond een boer genaamd Pamann tot zijn verbazing een 11,5 cm grote beker van puur goud! Volgens archeologen dateert de beker uit 750-600 v.C. en is daarmee direct één van de belangrijkste archeologische vondsten in zijn categorie.

De fietsroute De Hooge Lutte 11,5 km voert u langs de koepel van Tanfana. Liever te voet via Egheria wandelt u langs de koepel, de 5 km wandelroute is bij de receptie verkrijgbaar.

De Hellehond

In en om De Lutte kon het vroeger behoorlijk spoken. Er gingen verhalen rond over een mysterieuze, hondachtige verschijning. Deze angstaanjagende hond was pikzwart, had grote spitse oren en werd af en toe gezien in de buurt van de Paasberg en het Duivendal. Ook kwam het voor dat de hond zich liet zien op het Lutters kerkhof. Dit bleek een onheilspellende voorbode van een aanstaand sterfgeval te zijn. De hond stond symbool voor onheil. Het verhaal luid dat er ooit een boer was die werd aangevallen door de Hellehond. Hij kon het gelukkig nog navertellen, maar een dag later werd de ongelukkige boer doodziek en zat hij onder de zweren en bulten. In Oud- Germaanse mythologie komt de Hellehond voor als metgezel van de God Wodan, de leider van het dodenleger.

Of er vroeger in De Lutte ook geloofd werd in deze God is, is echter niet bekend. Midden in het dorp vind je tegenwoordig een bronzen beeld van de Hellehond. Ook is de Hellehond prominent afgebeeld op de dorpsvlag van De Lutte.

De Non van Singraven

Op het Landgoed Singraven dwaalt volgens deze sage een spookachtige gedaante rond die de uiterlijke kenmerken van een non vertoont. De link met het verleden van het kasteel is snel gelegd; Voor enige tijd diende het kasteel als een klooster en werd het bewoond door nonnen. Eén van deze nonnen kon het naar verluid goed vinden met de dorpelingen en ging geheel tegen de regels in, wel eens buurten in de plaatselijke kroeg. Dit was destijds natuurlijk volstrekt onacceptabel gedrag. Toen de andere nonnen hier lucht van kregen, werd de vrije non beschuldigd van onkuis gedrag en zou ze worden gestraft door Moeder-Overste. Zoals u kunt voorstellen waren de straffen in het klooster destijds niet mals. De Non werd levend ingemetseld in één van de muren van het kasteel. Iedere dag galmde het gejammer en gekrijs door de gangen van het kasteel. Op een dag waren de akelige geluiden verdwenen en werd het stil. De non was dood.

Met de vreselijke dood van de non begon de beheksing van het kasteel. Boven het water bij de watermolen en achter de vensters van het kasteel werden met regelmaat een spookachtige gedaante waargenomen. ’s Nachts hoorden bewoners van het kasteel vreemde geluiden die sterk op gejammer leken. Met name de mannelijke bewoners van het kasteel moesten het door de jaren heen ontgelden. In de 19e eeuw struikelde de toenmalige bewoner Udink over een olielamp en vatte hij vlam. Bedienden gooiden hem al brandend in de Dinkel, maar het mocht niet baten; later overleed Udink aan zijn brandwonden.

Breng een bezoek aan Landgoed het Singraven te Denekamp

Witte Wieven

De Witte Wieven zijn wellicht de bekendste mythologische wezens die ons land rijk is. In Oost- en Noord-Nederland bestaan veel verhalen over deze in het verleden alom gevreesde spookachtige gedaantes in hun witte gewaden. Iedere keer als u op een koude nevelige avond mistflarden over de velden ziet liggen, is dit een onheilspellende voorbode van de aanwezigheid van Witte Wieven. Lonneker in Twente zijn meerdere plekken waar in het verleden Witte Wieven zijn waargenomen, maar met name het buitengebied van het kerkdorp Lonneker kent een rijke geschiedenis waarin geregeld Witte Wieven voorkwamen.

Gevelteken & Stiepelteken

Typisch voor Twente is het gebruik van fraaie houten geveltoptekens als beëindiging van de nok. Deze decoratieve tekens bezaten in opzet vaak een symbolische betekenis en zouden bedoeld zijn geweest voor het afweren van onheil. Daarnaast werd hiermee soms ook uitdrukking gegeven aan de religieuze groepering waartoe men behoorde.

Een vergelijkbare symboliek trof men ook aan bij de decoratieve tekens die traditioneel werden aangebracht op de uitneembare middenstijl van de deeldeuren (de ‘stiepel’) of in de vorm van religieus getinte teksten boven de deeldeuren. De geheimzinnige stiepel- en topgeveltekens hebben boerderijonderzoekers en volkskundigen al lang beziggehouden, en over de oorsprong van deze tekens bestaan allerlei theorieën.

Stiepelteken

Hier in Twente ziet u bij de boerderijen vaak een grote dubbele schuurdeur, deze bestaat altijd uit 2 delen, wij noemen dit in Twente niendeur. Deze 2 deuren hebben de functie dat hoog opgestapelde oogstwagens in een keer naar binnen kunnen rijden. Ze worden gesloten tegen een houten uitneembare paal in het midden: de stiepel.

In het midden van de stiepel werd een teken gekrast. Vaak in de vorm van een langgerekte X of een zandloper en een jaartal met de initialen van de eigenaar. Dit Germaanse gebruik moest ervoor zorgen dat bliksem en boze geesten buiten bleven. Vanaf de zevende eeuw werden steeds meer Germanen bekeerd tot het christendom. Maar het (bij)geloof bleef. Er werd alleen een kruis of kelk bij gekrast zodat het er minder heidens uitzag. Tegenwoordig zien we vooral een geschilderde stiepel op de niendeur.

Op rechtst: Stiepelteken van boerderij N.36 te Weerselo. Zandloper bekroond door driehoek als teken van de Heilige Drievuldigheid. Negentiende eeuw. Getekend in 1959. Bron Zweerink.nl

Gevelteken

Geveltekens zijn de smalle eikenhouten plankjes waar diverse heidense, en later ook christelijke symbolen, zijn uitgezaagd. Ze staan op de nok van het dak en beschermen de boerderij tegen blikseminslag, heksen, spokerij en ziektes. Er zijn veel verschillende symbolen in steeds wisselende combinaties. Het meest gebruikt zijn een paardenkop (tegen onheil), de donderbezem (tegen blikseminslag) en het zonnerad (voor vruchtbaarheid).

 

Terug naar overzichtBoek direct bij het hotel, telefonisch of online en u betaalt nooit reserveringskosten!
't Kruisselt
Twente
WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann
20220508